Venetië ligt in een lagune van ruim vijfhonderd vierkante kilometer. Het is een ondiep binnenmeer tussen het vasteland en de Adriatische Zee, afgeschermd door een reeks langgerekte eilanden. Het meeste water is maar een meter diep. Daartussen lopen vaargeulen, gemarkeerd door rijen houten palen, de bricole. Tussen de stad en de kust liggen tientallen eilanden: dorpen, kloosters, moestuinen, verlaten quarantaine-eilanden en kwelders die bij hoog water onderlopen. Samen met de stad staat de lagune sinds 1987 op de UNESCO-Werelderfgoedlijst.
De meeste bezoekers zien van de lagune alleen Murano, Burano en Torcello, de drie eilanden die samen de klassieke dagtocht door de lagune vormen. Dit artikel gaat over de rest: de eilanden en plekken die je met de vaporetto of een eigen boot bereikt, en die laten zien hoe de lagune leeft buiten de stad. De lagune hoort bij de regio Veneto.
Een landschap tussen land en water
De lagune is geen natuurlijk gegeven, maar een landschap dat eeuwenlang door mensen is beheerd. De Republiek Venetië verlegde rivieren om verzanding te voorkomen, bouwde zeeweringen langs de kust en bewaakte de open verbindingen met de zee. Zonder die ingrepen was de lagune dichtgeslibd of door de zee opgeslokt.
Het landschap bestaat uit barene, kwelders die bij hoog water onderlopen en waar reigers, steltlopers en flamingo’s foerageren. Daarnaast zijn er valli da pesca, afgesloten viskwekerijen, en velme, wadplaten die bij laag water droogvallen. Bij de drie openingen naar zee, bij het Lido, Malamocco en Chioggia, staan sinds 2020 de beweegbare waterkeringen van het MOSE-project. Bij extreem hoog water sluiten die de lagune af van de zee.

De noordelijke lagune
San Michele
De eerste stop vanaf Fondamente Nove, aan de noordkant van Venetië, is San Michele: het kerkhofeiland van de stad, omringd door een bakstenen muur en cipressen. Napoleon liet de begraafplaats hier aanleggen, buiten de stad, om hygiënische redenen. Tussen de grafvelden liggen onder anderen de componist Igor Stravinsky en de dichter Ezra Pound begraven. De renaissancekerk San Michele in Isola staat aan de kant van het water.
Murano, Burano en Torcello
Verder naar het noorden liggen Murano, het eiland van het glas, Burano, het eiland van de gekleurde vissershuizen en het kantwerk, en Torcello, het eiland van de eerste nederzetting, met een kathedraal met Byzantijnse mozaïeken. Samen passen ze in één dag, zoals beschreven in de dagtocht naar Murano, Burano en Torcello.

San Francesco del Deserto
Ten zuiden van Burano ligt een klein eiland omringd door cipressen, waar sinds de dertiende eeuw franciscaner monniken wonen. Volgens de overlevering landde Franciscus van Assisi hier in 1220 op de terugweg uit het Oosten. De monniken ontvangen bezoekers voor een rondleiding door het klooster en de tuin. Er is geen vaporetto naartoe. Vanaf Burano varen kleine boten op afspraak over.
Sant’Erasmo en Vignole
Sant’Erasmo is het grootste eiland van de lagune en het minst bekende. Het wordt de moestuin van Venetië genoemd. Er is geen dorp, geen hotel en nauwelijks verkeer, alleen akkers, boerderijen en een paar huizen langs een smalle weg. Hier worden de castraure geteeld, de eerste scheuten van de paarse artisjok, die in het voorjaar op de markt van Rialto liggen. Begin oktober viert het eiland de Festa del Mosto, met de eerste most van het jaar. Aan de oostkant ligt een klein strand waar Venetianen in de zomer zwemmen.
Het naburige Vignole is nog kleiner, met een paar boerderijen en een trattoria aan het water. Beide eilanden zijn goed met de fiets te verkennen. Fietsen mogen mee op de vaporetto.
Lio Piccolo en Cavallino-Treporti
Aan de noordoostrand van de lagune ligt het schiereiland Cavallino-Treporti, tussen de lagune en de zee. Achter de stranden en de campings liggen kwelders, viskwekerijen en het gehucht Lio Piccolo: een handvol huizen, een kerkje en een klokkentoren midden in de lagune. Een fietsroute over de dijken voert erheen, met uitzicht over het water en in de verte de scheve toren van Burano. Aan de kust liggen campings, waaronder Marina di Venezia, die tot de grootste van Europa behoren. Vanaf Punta Sabbioni varen boten naar Burano en naar Venetië.

De zuidelijke lagune
San Giorgio Maggiore en de Giudecca
Recht tegenover het San Marcoplein ligt San Giorgio Maggiore, met de witte kerk die Andrea Palladio in de zestiende eeuw ontwierp. Vanaf de klokkentoren kijk je over het bassin naar het San Marcoplein en het Dogenpaleis, met de lagune erachter.
Daarnaast ligt de Giudecca, een langgerekte reeks eilanden aan de zuidkant van de stad. Ooit lagen hier de tuinen en zomerhuizen van rijke Venetiaanse families. Later kwamen er fabrieken, zoals de molen van Stucky, die nu een hotel is. Op de Giudecca staat ook de Redentore, eveneens van Palladio, gebouwd als dank voor het einde van de pest in 1577. Op de derde zaterdag van juli wordt er een brug van boten naartoe gelegd en is er ’s nachts vuurwerk boven het bassin: het Festa del Redentore. De Giudecca is een woonwijk waar je met uitzicht op de stad eet, weg van de drukte.
San Lazzaro degli Armeni
Bij het Lido ligt San Lazzaro degli Armeni, een eiland dat de Republiek in 1717 aan Armeense monniken schonk. Het klooster heeft een bibliotheek met Armeense handschriften en een museum. Lord Byron kwam er in 1816 om Armeens te leren. Het klooster is te bezoeken met een rondleiding, en vanaf San Zaccaria vaart een vaporetto naartoe.
Het Lido en Pellestrina
Het Lido is het langgerekte eiland dat de lagune afschermt van de zee, bekend van het filmfestival en de badhotels uit de negentiende eeuw. Aan de zeekant ligt een zandstrand van elf kilometer. Aan de lagunezijde ligt Malamocco, het oudste dorp op het eiland.
Verder naar het zuiden volgt Pellestrina, een eiland van elf kilometer lang en op sommige plaatsen maar tientallen meters breed. Er liggen gekleurde vissersdorpen langs de lagune, en aan de zeekant de murazzi, stenen zeeweringen uit de achttiende eeuw. Over het Lido en Pellestrina reis je met bus en veerboot door naar Chioggia, zoals beschreven in de route van Venetië naar Chioggia via Lido en Pellestrina.
Chioggia
Aan de zuidkant van de lagune ligt Chioggia, een vissersstad met kanalen, een vismarkt en een van de grootste vissershavens van Italië. Het is het zuidelijke eindpunt van een tocht door de lagune.

Praktische informatie
De meeste eilanden zijn met de vaporetto te bereiken, de waterbussen van het Venetiaanse vervoerbedrijf ACTV. Naar San Michele, Murano, Burano en Torcello vaar je vanaf Fondamente Nove. Lijn 13 gaat vanaf Fondamente Nove via Murano naar Vignole, Sant’Erasmo en Treporti. Naar San Giorgio Maggiore en de Giudecca vaart lijn 2, en naar San Lazzaro degli Armeni lijn 20 vanaf San Zaccaria. Het Lido is met verschillende lijnen vanaf San Marco en het station bereikbaar.
Voor een dag in de lagune is een dagkaart van ACTV vrijwel altijd voordeliger dan losse kaartjes. Wie de lagune in eigen tempo wil zien, kan een boot huren. Op meerdere plekken worden kleine motorboten verhuurd die zonder vaarbewijs mogen worden gevaren, met een kaart van de vaargeulen. Er zijn ook georganiseerde tochten op traditionele houten zeilboten en rondvaarten met een gids.
Het voorjaar en het najaar zijn de mooiste seizoenen, met helder licht en weinig drukte op het water. In de zomer is het warm en zijn er muggen rond de kwelders. In de winter kan er mist over de lagune hangen, en bij hoog water, de acqua alta, lopen de kades onder.
Overnachten in de lagune
Wie de lagune als uitvalsbasis wil gebruiken, heeft meer opties dan de stad zelf. Het Lido heeft hotels aan het strand, op tien minuten varen van San Marco. Op de Giudecca overnacht je met uitzicht op de stad. Op Burano, Mazzorbo en Murano zijn kleinschalige B&B’s. Het schiereiland Cavallino-Treporti heeft campings en vakantieparken aan zee, met boten naar Burano en Venetië.

Veelgestelde vragen over de lagune van Venetië
Hoeveel eilanden liggen er in de lagune van Venetië?
In de lagune liggen tientallen eilanden, afhankelijk van hoe je telt: van bewoonde eilanden als Murano, Burano en de Giudecca tot kloostereilanden, verlaten quarantaine-eilanden en kwelders die bij hoog water onderlopen. Venetië zelf bestaat uit meer dan honderd kleine eilanden die door kanalen en bruggen met elkaar verbonden zijn.
Welke eilanden in de lagune zijn het minst toeristisch?
Sant’Erasmo, Vignole, Pellestrina en het gehucht Lio Piccolo zijn het rustigst. Er zijn nauwelijks winkels of restaurants, maar wel moestuinen, vissersdorpen en weidse uitzichten over het water. San Francesco del Deserto en San Lazzaro degli Armeni zijn kloostereilanden die met een rondleiding te bezoeken zijn.
Kun je zelf een boot huren in de lagune?
Ja. Op meerdere plekken in en rond Venetië worden kleine motorboten verhuurd die zonder vaarbewijs mogen worden gevaren. Je krijgt een kaart van de vaargeulen mee, want buiten die geulen is het water vaak te ondiep. In het drukke centrum van Venetië en op het Canal Grande is varen met een huurboot niet aan te raden.
Wat is het MOSE-project?
MOSE is een systeem van beweegbare waterkeringen bij de drie openingen van de lagune naar de zee, bij het Lido, Malamocco en Chioggia. Sinds 2020 worden ze bij extreem hoog water omhooggezet, zodat de zee niet de lagune in kan stromen en Venetië niet overstroomt. Buiten die momenten liggen ze onzichtbaar op de bodem.

Hallo Pieter en John wat een mooie beschrijving van al die mooie eilandjes rondom Venetië wij zijn op dit moment op Marina en gaan beslist nog een dagje naar Venetië en maken weer een rond toertje de hartelijke groeten van andre en mij (Wilma ) en graag tot ziens in oktober of november als wij weer terug in Nederland zijn tot ziens 🥂🥳
Grazie mille Wilma, geniet van jullie vakantie op Marina en tot snel ziens.
Pingback: Dagtocht Murano, Burano en Torcello: route, vaporetto en tips