Piemonte

Piemonte: het onbekende meesterwerk van Noord-Italië

Turijn in Piemonte

Piemonte ligt in het uiterste noordwesten van Italië, ingeklemd tussen Frankrijk en Zwitserland, met de Alpen als westelijke grens en de vlakte van de Po-vallei als oostelijk tegenwicht. De naam betekent letterlijk “aan de voet van de bergen”, en dat is precies wat de regio is: een gebied waar besneeuwde bergtoppen, glooiende wijnheuvels en uitgestrekte rijstvelden binnen een paar uur rijden van elkaar liggen. Wie Italië zegt, denkt vaak aan Toscane, Rome of de Amalfikust. Het karakter van Piemonte ligt ergens anders: op een truffelmarkt in Alba, bij een stil bergmeer boven Ceresole, of op een dorpsplein in de Langhe waar niemand Nederlands spreekt. Reizigers met oog voor het rauwe en het verfijnde vinden hier een Italië zonder toeristisch decor.

Tussen Alpen en rijstvelden: het landschap van Piemonte

Het landschap van Piemonte is verrassend gelaagd voor een regio van deze omvang. In het westen rijzen de Alpen op tot ver boven de vierduizend meter, met de Monte Rosa als hoogste top na de Mont Blanc. Ten oosten van Turijn verandert het decor volledig: hier strekken zich uitgestrekte rijstvelden uit rond Vercelli, dat bekendstaat als de rijsthoofdstad van Europa en de basis levert voor de meeste Italiaanse risotto. Tussen die twee uitersten liggen de wijnheuvels van de Langhe en Monferrato, een glooiend landschap dat sinds 2014 op de UNESCO-Werelderfgoedlijst staat.

Die combinatie van hooggebergte, akkerland en heuvelland maakt Piemonte tot een regio die zich niet in één type vakantie laat vangen. Wandelaars trekken naar de bergpassen in het noordwesten, bij Alagna Valsesia en Varallo, waar Walsergemeenschappen eeuwenlang in relatieve afzondering leefden — een route die in detail wordt uitgewerkt in de autoroute tussen heilige paden en Walserhuizen, van het Lago d’Orta via Varallo naar Alagna Valsesia. Wie liever tussen de wijnranken wandelt, vindt in de Langhe een zachter, voller landschap. Voor een verblijf midden in dit gevarieerde landschap is een agriturismo op het platteland vaak de meest logische keuze — je zit dan dicht bij zowel de bergen als de wijnvelden zonder in een stad te hoeven overnachten.

Piemonte

Turijn: de hoofdstad met een dubbel gezicht

Turijn is de hoofdstad van Piemonte, gelegen aan de rand van de vlakte waar de rivieren Po en Dora Riparia samenkomen, met de Alpen zichtbaar aan de horizon op heldere dagen. De stad draagt nog altijd het imago van een grauwe industriestad, een reputatie die vooral aan de aanwezigheid van Fiat te danken is. Wie de stad vandaag bezoekt, treft iets anders aan: brede negentiende-eeuwse boulevards, barokke paleizen uit de tijd van het Huis van Savoye en pleinen die ’s avonds vollopen met mensen die aperitivo drinken onder de arcades.

Lees ook  Cannero Riviera: mediterrane charme aan het Lago Maggiore

Het Egyptisch Museum van Turijn geldt als het op een na belangrijkste ter wereld op zijn vakgebied — na dat van Caïro. De Mole Antonelliana, het torenhoge symbool van de stad, huisvest het nationale filmmuseum en biedt vanaf het uitkijkplatform een panorama over de stad en de Alpen erachter.

Turijn is bovendien de bakermat van de Slow Food-beweging, ontstaan in de jaren tachtig als reactie op de opmars van fastfood — een filosofie die nog altijd diep verankerd zit in de Piemontese keuken. (Lees ook het uitgebreide artikel over Turijn: de verborgen parel van Italië.) Wie een paar dagen in de stad blijft, vindt er inmiddels ook een groeiend aanbod aan kleinschalige hotels in voormalige herenhuizen, een prettig alternatief voor de grotere ketens rond het station.

Turijn

Gran Paradiso: de wildernis boven Piemonte

Waar de meeste bezoekers van Piemonte niet verder komen dan Turijn en de wijnheuvels, ligt in het noordwesten van de regio een compleet ander Piemonte: de Valle dell’Orco, de Piemontese toegangspoort tot het Gran Paradiso-gebergte. Het Parco Nazionale Gran Paradiso, in 1922 opgericht als eerste nationaal park van Italië, strekt zich uit over zowel Piemonte als Valle d’Aosta, met de 4.061 meter hoge Gran Paradiso zelf als hoogste punt. Dorpen als Ceresole Reale, Locana en Noasca vormen hier de laatste bewoonde plekken voordat het landschap overgaat in kaal rotsgesteente, gletsjermeren en de leefgebieden van steenbokken en gemzen.

Dit is een ander soort Piemonte dan de wijnheuvels verderop: stiller, ruiger, minder ontsloten. De weg naar de Colle del Nivolet, die langs een reeks stuwmeren omhoog kronkelt, geldt als een van de mooiste bergpassen van de Alpen (lees ook Gran Paradiso vanuit Piemonte: wandelen in de Valle dell’Orco). Voor wie liever aan de Valle d’Aosta-kant van het park verblijft, is er het bestaande artikel over het rijke erfgoed van de regio Valle d’Aosta, maar de Piemontese kant, via Locana en Ceresole Reale, blijft opvallend onbekend bij Nederlandse reizigers. Een vakantiewoning in een van de kleine bergdorpen is hier vaak de enige logeeroptie, en dat is precies onderdeel van de aantrekkingskracht.

Sogno Italiano selectie
Op zoek naar bijzondere hotels in Italië?
Bekijk onze selectie met favoriete adresjes door heel Italië — van stijlvolle masseria’s tot droomhotels aan de meren en verborgen plekken met karakter.


Bekijk de selectie

Langhe en Monferrato: wijnheuvels en truffelgeur

Wie Piemonte bezoekt, reist automatisch door een van de rijkste culinaire regio’s van Italië. In de herfst vult de lucht zich in Alba met de geur van de witte truffel, een delicatesse waarvoor fijnproevers van over de hele wereld naar de jaarlijkse Internationale Truffelbeurs afreizen. De Langhe, het glooiende heuvellandschap ten zuiden van Alba, is de thuisbasis van wereldberoemde wijnen als Barolo, Barbaresco en Dolcetto d’Alba. Een bezoek aan een familiewijnhuis, een wandeling tussen de wijnranken en een proeverij ter plekke horen er bij een verblijf in deze streek als vanzelfsprekend bij. (lees ook Le Langhe: een streek voor fijnproevers).

Lees ook  Alagna Valsesia: Walser-dorp voor bergliefhebbers

Typisch Piemontese gerechten als vitello tonnato, bagna cauda en agnolotti del plin maken de culinaire ervaring compleet, afgesloten met een glas Moscato d’Asti bij het dessert. In de dorpen Neive en Barolo, beide opgenomen in de lijst van I Borghi più belli d’Italia, is een B&B in een gerestaureerd landhuis vaak de sfeervolste manier om te overnachten — met uitzicht over de wijngaarden vanaf het ontbijtterras. Ten oosten van de Langhe ligt Monferrato, minder bezocht en met een geheel eigen karakter — zachtere heuvels, de Barbera-druif in plaats van Barolo, en eeuwenoude ondergrondse wijnkelders die nergens anders in Piemonte voorkomen (lees ook de Monferrato-heuvels: de rustige tegenhanger van de Langhe).

De grote meren: Lago Maggiore en Lago d’Orta

Het oostelijke deel van Piemonte grenst aan het Lago Maggiore, een van de grote Noord-Italiaanse meren die de regio deelt met Lombardije. Verbania, aan de Piemontese oever, is een uitstekend vertrekpunt voor boottochten naar de Borromeïsche eilanden, met hun beroemde terrastuinen en palazzo’s (lees ook het volledige artikel over de Borromeïsche Eilanden en over Stresa, de elegante poort tot het Lago Maggiore).

Minder bekend, en juist daarom de moeite waard, is het kleinere Lago d’Orta, ten westen van het Lago Maggiore. Aan de oever ligt Orta San Giulio, een middeleeuws stadje met smalle straatjes die uitkomen op een plein met uitzicht op het mystieke eilandje Isola San Giulio, midden in het meer (lees ook vakantie aan het Ortameer: wat je moet weten). Rond beide meren is het aanbod aan resorts en kleinere hotels aan het water groot: van historische villa’s tot eenvoudiger pensions in de dorpskernen — een goede uitvalsbasis voor wie de rust van het meer wil combineren met dagtochten naar de bergen of de stad.

Kleine parels buiten de gebaande paden

Naast de bekendere bestemmingen heeft Piemonte tal van minder voor de hand liggende plekken. Cuneo, gelegen tussen de Alpen en de vlakte, charmeert met rustige pleinen en art-nouveaugevels, en vormt de natuurlijke toegangspoort tot de Maritieme Alpen in het zuidwesten van de regio (lees ook Cuneo en de Maritieme Alpen: het zuidwesten van Piemonte). Biella, ooit een van de belangrijkste textielcentra van Europa, combineert oud ambacht met hedendaags design in voormalige fabriekspanden.

In het noordelijke Candelo kan een wandeling door de Ricetto, een goed bewaarde, versterkte middeleeuwse dorpskern, zo een uur in beslag nemen. In Usseaux, genesteld in de Val Chisone, lijken de tijd en het toerisme stil te staan te midden van bloemrijke gevels en beschilderde muren. Voor wie deze dorpen als uitvalsbasis wil gebruiken voor een rustigere reis door Piemonte, is een appartement in een van de kleinere steden vaak praktischer dan een verblijf midden in de bergen.

Van Savoye tot Risorgimento: de geschiedenis van Piemonte

De geschiedenis van Piemonte is nauw verweven met het Huis van Savoye, dat van hieruit eeuwenlang over grote delen van de regio en omliggende gebieden regeerde. Kastelen, jachtpaviljoens en paleizen herinneren nog altijd aan die periode, zoals de Palazzina di Caccia di Stupinigi en de Reggia di Venaria Reale, een Italiaans antwoord op Versailles dat tegenwoordig als museum is ingericht.

Lees ook  De 4 oevers van het Gardameer

Piemonte speelde ook een centrale rol in de Italiaanse eenwording in de negentiende eeuw. Turijn was van 1861 tot 1865 de eerste hoofdstad van het verenigde Italië, en Giuseppe Garibaldi vond in de regio zijn belangrijkste politieke bondgenoten. Die geschiedenis is nog zichtbaar in de monumentale architectuur van de stad, van het Palazzo Reale tot de talloze pleinen die naar helden van het Risorgimento zijn vernoemd.

Foto darietto_it

Praktische informatie voor een reis naar Piemonte

Turijn is de belangrijkste toegangspoort tot de regio, per vliegtuig rechtstreeks vanuit Nederland en België of per trein vanuit Milaan in iets meer dan een uur. Vanuit Turijn verbinden regionale treinen en bussen de meeste steden en dorpen, al is een huurauto aan te raden voor wie de Langhe, Monferrato of de bergdorpen rond Gran Paradiso wil verkennen, aangezien het openbaar vervoer daar beperkt is.

Mei, juni, september en oktober gelden als de beste periodes om te reizen, met een aangenaam klimaat en minder drukte dan in de zomer. Oktober is bovendien truffelmaand in Alba, wat de streek dan extra levendig maakt, maar ook drukker en duurder. Voor overnachtingen biedt Piemonte een brede keuze: van agriturismo’s op het platteland tot boutiquehotels in Turijn en resorts aan de meren. In het hoogseizoen, en zeker rond de truffelbeurs in oktober, is vroeg reserveren geen overbodige luxe.

Wie de regio in etappes wil bezoeken — eerst de stad, dan de wijnheuvels, dan de bergen — doet er goed aan de accommodaties per etappe te wisselen in plaats van steeds vanuit één uitvalsbasis te reizen; de afstanden binnen Piemonte zijn kleiner dan ze op de kaart lijken, maar het landschap verandert per streek te veel om alles vanuit één plek te ervaren.

Foto’s stevaleri

Veelgestelde vragen over Piemonte

Waar ligt Piemonte precies? Piemonte ligt in het noordwesten van Italië, grenzend aan Frankrijk en Zwitserland, met Turijn als hoofdstad. De regio wordt in het westen begrensd door de Alpen en gaat in het oosten over in de vlakte van de Povallei richting Lombardije.

Wat is de hoofdstad van Piemonte? Turijn is de hoofdstad van Piemonte en de op vier na grootste stad van Italië. De stad was van 1861 tot 1865 ook de eerste hoofdstad van het verenigde Italië.

Wat zijn de bekendste geheimen van Piemonte voor reizigers? Naast de bekende wijnstreek Langhe herbergt Piemonte minder ontdekte plekken zoals de Valle dell’Orco bij het Gran Paradiso-gebergte, het meer van Orta met het eilandje San Giulio, en Walser-bergdorpen als Alagna Valsesia. Deze bestemmingen krijgen aanzienlijk minder bezoekers dan vergelijkbare plekken elders in Italië.

Wat is de beste tijd om Piemonte te bezoeken? Voor wijnreizen en wandelingen zijn mei-juni en september-oktober het meest geschikt. Oktober is bovendien truffelmaand in Alba, al is de streek dan drukker en is reserveren vooraf verstandig.

Is Piemonte geschikt voor een wandelvakantie? Piemonte biedt wandelmogelijkheden op elk niveau, van rustige heuveltochten door de wijngaarden van de Langhe tot alpiene routes in het Gran Paradiso-park en bergpassen bij Alagna Valsesia en Ceresole Reale.